Obesitas bij het konijn

Een goed uitgebalanceerde voeding is in ieder geval heel belangrijk voor de gezondheid van je konijn.

Praktisch

Het allerbelangrijkste zijn vezels. Deze zijn vooral terug te vinden in hooi en gras. Voorzie daarom voldoende vezel door onbeperkt hooi ter beschikking te stellen. Als je de mogelijkheid hebt, kan je je konijn ook laten grazen.

Verse planten en groenten bevatten vezels en bovendien ook vitamines, maar bestaan daarnaast voor een groot gedeelte uit water. Geef dit daarom niet te veel, want een overmaat kan aanleiding geven tot diarree. Geef bij voorkeur elke dag een beetje. En liever niet elke dag calciumrijke groenten (zie verder).

Brokjes worden snel te veel gegeven. Een konijn heeft per dag maar één soeplepel per kilogram lichaamsgewicht nodig aan brokjes. Dit is dus heel weinig! Geef bij voorkeur pellets, deze hebben allemaal dezelfde kleur. Mixvoeders met allemaal verschillende kleurtjes worden daarentegen vaak maar deels opgegeten. Mixvoeders bevatten bovendien vaak veel suikers en eiwit en veel minder vezels dan pellets.Af en toe een stukje fruit kan zeker geen kwaad maar liever niet elke dag omdat de meeste fruitsoorten veel suikers bevatten.
'Snoepjes' kan je beter helemaal niet geven. Deze bevatten naast veel suikers ook meestal een teveel aan calcium. Uiteraard heeft je konijntje naast al deze voedingselementen ook nood aan onbeperkt drinkwater tot zijn beschikking.

Het belang van vezels

Vezels, en vooral de plantaardige, zijn erg belangrijk om verschillende redenen:

  • Wanneer onvoldoende vezels beschikbaar zijn zal je konijn automatisch meer andere voedingsstoffen zoals eiwitten of suikers gaan opnemen en hierdoor een verhoogde kans hebben op obesitas.
  • Bovendien hebben konijnen tanden en kiezen die hun hele leven lang blijven groeien. Zolang konijnen voldoende te knagen hebben en veel hooi eten, vormt dit geen enkel probleem. Het gebit blijft dan vanzelf op de goede lengte door het knagen en kauwen.
  • Konijnen hebben in verhouding een groot maag-darmkanaal waar vertering met behulp van darmbacteriën een grote rol speelt. Dit gebeurt vooral in het caecum (of de blinde darm). Als een konijn te weinig vezels eet, kan dit de zuurtegraad of pH van de blinde darm veranderen. Bij een abnormale zuurtegraad kunnen ongewenste bacteriën zich in grote mate vermenigvuldigen waardoor darmontstekingen en diarree ontstaan.
  • Het maag-darmkanaal van een konijn heeft normaal een hoge mate van peristaltiek (of darmbeweging). Bij onvoldoende vezelopname is er te weinig darmbeweging wat een verstopping in de hand werkt.

Caecotrofen

Om goed te begrijpen waarom we ons konijn beter weinig brokjes en 'snoepjes' geven schetsen we best even kort de spijsvertering bij deze huisdieren.

Bij konijnen kunnen immers twee soorten ontlasting worden onderscheiden:

  • Harde faeces zien er uit als kleine, droge, harde bolletjes. Deze ontstaan doordat onverteerde vezeldeeltjes vanuit de dunne darm meteen verder de dikke darm ingaan (rode lijn).
  • Ondertussen worden water en kleine voedseldeeltjes de blinde darm ingestuurd (groene lijn). Hier worden deze voedselpartikels door de darmbacteriën verteerd en vormen samen met het water de caecotrofen of zachte faeces, ook wel nachtfaeces genoemd omdat de vorming ervan vooral 's nachts gebeurt. Deze caecotrofen zijn zacht, plakkerig en met een slijmlaagje bedekt. Het konijn zou deze ontlastingsbolletjes vanaf de anus meteen moeten opeten en je zou dit dus normaal niet in het hok mogen zien liggen. Dit eten lijkt misschien een rare en vieze gewoonte, maar dit is erg nuttig.

De caecotrofen bevatten veel eiwit, vitaminen en nuttige suikers. Als een konijn teveel brokken of snoepjes eet en daaruit al veel suikers en eiwitten opneemt, zal het de caecotrofen onvoldoende opeten. Dan plakt al deze zachte ontlasting in de haren rond de anus en heeft het konijn een vies achterste, wat op zijn beurt kan leiden tot infecties of zelfs vliegenmaden. Ook bijvoorbeeld rugpijn of overgewicht kunnen oorzaken zijn van het niet nuttigen van de caecotrofen.

Calcium

Bij konijnen wordt ter hoogte van de darm veel calcium opgenomen en het teveel aan calcium wordt in de urine uitgescheiden. Te weinig calcium kan voor slechte bot- en tandkwaliteit zorgen, terwijl een teveel aan calcium aanleiding kan geven tot de vorming van blaasstenen en nierschade kan veroorzaken.
Bepaalde granen, vaak de rood/oranje gekleurde delen van mixvoeders, kunnen stoffen bevatten die de calciumopname remmen en zo een calciumtekort veroorzaken. Bepaalde groenten - zoals broccoli, rapen en kolen - kunnen dan weer erg veel calcium bevatten. Deze kan je beter niet elke dag geven. Kolen veroorzaken tevens ook vaak ongewenste gasvorming en geef je daarom liever helemaal niet.

Als je tot slot denkt dat je konijn op dit moment niet de juiste voeding krijgt, schakel dan niet in één dag over op andere voeding maar bouw de oude manier van voederen rustig af. Indien je nog verdere vragen hebt over de voeding van je konijn of twijfel je of je konijn te dik is, neem dan contact met ons op of vraag het bij de volgende vaccinatie of gezondheidscontrole.

Kunnen wij je helpen?